Posts tonen met het label vertaler. Alle posts tonen
Posts tonen met het label vertaler. Alle posts tonen

dinsdag 12 november 2013

Het regent katten en honden

Vertalen is geen gemakkelijk werk. Menig vertaler loopt soms tegen in eerste instantie onvertaalbare termen of uitdrukkingen aan. Welke valkuilen kan een vertaler zoal tegenkomen?

Leemtes in de taal
Een taalleemte is een uitdrukking die wordt gebruikt in het geval dat een zeker concept/woord in een bepaalde taal niet direct kan worden vertaald naar andere talen in slechts één enkel woord of standaarduitdrukking. Voorbeelden hiervan zijn bijvoorbeeld gezegdes zoals: “It’s raining cats and dogs”. Letterlijk vertaald naar “Het regent katten en honden” zal deze zin voor de meeste Nederlanders vrij weinig betekenen. Deze taalleemtes kunnen bij vertalers dan ook voor hoofdbrekers en nachtmerries zorgen.

Er is wel een grijs gebied bij taalleemtes aanwezig. Sommige woorden kunnen in een andere taal zo dicht benaderd worden, dat er in de polemiek geen consensus over bestaat. Mensen vinden dan voor een gedeelte dat het wèl een taalleemte betreft, terwijl een andere groep deze mening juist weer niet deelt. Een goed voorbeeld van zo'n “pseudo-taalleemte” is het Nederlandse woord “gezellig”. Alhoewel er dus veel mensen van mening zijn dat dit woord niet te vertalen is naar andere talen (in slechts 1 woord), zijn anderen daar niet zo zeker van. Zo worden in het Engels de woorden “cozy” en “snug” genoemd en zo bestaat er in het Duits het woord “gemütlich”. Binnen de taalwetenschappen bestaat dan ook het spreekwoord: over smaak valt niet te twisten. Een volwaardig voorbeeld van een taalleemte is één woord voor ‘broer en zus’. In het Engels is dit “Sibling”, in het Duits heet dit “Geschwister” en het Frans heeft “Fratrie”.

Valse vrienden
Het begrip “valse vrienden” heeft een overlapping met een taalleemte. Definiërend zou men kunnen zeggen dat valse vrienden woorden zijn die in hun vorm op een woord/term uit een andere taal lijken, maar tegelijkertijd zeer zeker niet dezelfde betekenis hebben. Los van de neutrale “valse vrienden” kunnen er ook hele grappige discrepanties ontstaan, zoals het geval is bij de Nederlandse uitdrukking “kopjes geven”. Wij wagen ons er hier niet aan om dit letterlijk naar het Engels te vertalen.

Voorbeelden van Valse Vrienden die hun oorsprong als leenwoord kennen:
– “Tabee”: in het Nederlands wordt dit gebruikt als afscheidsgroet, in het Maleis is het echter een algemene begroeting.
– “Snoeshaan”: wordt in Nederland gebruikt in de uitdrukking “rare snoeshaan”, terwijl het woord mogelijkerwijs uit het woord Soesoehoenan (Susuhunan) is ontstaan, een Javaanse adellijke titel.

Ook zijn er tal van valse vrienden die toevallig zijn ontstaan:
– “Nè”: betekent in het Grieks juist “Ja”.
– “Jeg”: een Noors woord. Wordt uitgesproken als “jij” maar betekent “ik”.

Onze rock in the branding
Zo kunt u zich misschien wel voorstellen dat dit soort discrepanties een echte valkuil kunnen vormen voor een vertaler. Bezit van de juiste kennis en expertise is dus erg belangrijk! Bij vertaalwerk moet je blijkbaar echt op je hoede zijn en vertalers zullen dus gevat en slim te werk moeten gaan om misverstanden te voorkomen. Gelukkig zijn er genoeg goede vertalers die dat kunnen!

woensdag 10 juli 2013

De Toren van Babel

Het verhaal van de Toren van Babel als ontstaansgeschiedenis van meerdere talen is een welbekend verhaal. Babel is een verhaal uit de Bijbel en zou aan de basis liggen van de geschiedenis van het vertalen. Volgens het Oude Testament was Babel een stad die gebouwd werd door de afstammelingen van Noah, die met zijn ark de zondvloed bedwong. Deze afstammelingen wilden niet over de hele wereld verdeeld worden, wat de wil van God was, en vormden daarom een eenheid. Ze bouwden een toren die oneindig hoog moest worden, zodat ze naar God toe konden gaan. God greep echter in en de toren raakte nooit af. God ontnam de mensen van Babel namelijk hun macht en eenheid door ze allemaal verschillende talen te laten spreken. Mensen moesten dus op zoek naar manieren om te communiceren en elkaar te begrijpen. Het vertalen was geboren.

Het Hebreeuws: een van de vroegste talen.
Of het verhaal van Babel echt aan de basis ligt van de moderne vertaling, valt te betwijfelen. Dan is het idee van de Romeinen meer waarschijnlijk. Onderzoek toonde aan dat de eerste geschriften over vertalingen afkomstig zijn van de Romeinen. Is vertalen dan een Romeinse uitvinding? Alleszins waren Cicero en Horatius twee Romeinen die belangrijke opmerkingen formuleerden over vertalingen. Een andere legende is dat in de tweede eeuw voor Christus 72 geleerden in 72 dagen, en elk afzonderlijk, de Thora (het Oude Testament) vertaald zouden hebben van het Hebreeuws in het Grieks. Het resultaat: 72 identieke vertalingen! Deze vertalingen zijn echter nooit gevonden. Wel is het zo dat in die periode wel degelijk de Septuagint ontstond, de Griekse vertaling van het Oude Testament.

Een van de belangrijkste ontdekkingen omtrent het vertaalvak is natuurlijk de Steen van Rosette: een steen met daarop een decreet in drie talen die dateert van 196 voor Christus. Deze staat aan de basis van het ontcijferen van hiërogliefen. Het laat zien dat mensen al heel vroeg bezig waren met het ontcijferen van elkaars talen. Wanneer we het over de geschiedenis van het vertalen hebben, kunnen we ten slotte niet voorbijgaan aan Hiëronymus. In de vierde eeuw na Christus begon hij in opdracht van paus Damascus I aan een vertaling van de Bijbel in het Latijn, zodat deze toegankelijker werd voor een grotere groep mensen. Hiëronymus is trouwens nog altijd de beschermheilige van de vertalers.

woensdag 22 mei 2013

Vertalen en computers

Vroeger zaten vertalers doorgaans op een stoffige zolder boeken te vertalen. Duizenden jaren lang was er bovendien maar één boek dat werd vertaald: de Bijbel. De vertaler moest minutieus zin voor zin lezen, zonder enig ander hulpstuk dan een griffel en een blanco vel papier. Tegenwoordig zitten vertalers gelukkig niet meer moederziel alleen op een zolderkamer teksten te vertalen. Met de komst van de moderne boekdrukkunst, de globale economie en de computer is het vertaalproces ontzettend veranderd.

Vertalers spreken tegenwoordig van CAT: Computer-aided translation (computerondersteund vertalen). Het voordeel van de computer is dat het geheugen ervan veel beter is dan ons eigen geheugen. Met speciale CAT-software kan de vertaler in één oogopslag zien of een te vertalen passage niet al eerder is langsgekomen. Het is natuurlijk zonde van je tijd om twee keer exact dezelfde tekst te vertalen. Dankzij vertaalgeheugens als SDL Trados en Déjà Vu kan de vertaler zijn werktempo flink opschroeven en voorkomen dat hij dubbel werk verricht.

Wie niet is ingewijd in de vertaalwereld, vraagt zich wel eens af waarom je niet gewoon een machinevertaling kunt gebruiken om je vertaaldorst te lessen. Google Translate is ’s werelds grootste aanbieder van machinevertalingen, maar weet ondanks zijn kolossale grootte geen voet tussen de deur te krijgen in de vertaalwereld. Google Translate is in feite niets meer dan een enorm vertaalgeheugen waaraan gebruikers vertalingen toevoegen. Daar schuilt echter ook de zwakte van Google Translate in: het programma leest geen tekst, maar enen en nullen die toevallig al eens eerder zijn langsgekomen. Subtiele nuances als sarcasme, ironie of humor kan een vertaalgeheugen niet bevatten. Probeer maar eens een mop te vertalen met Google Translate. Het resultaat is lachwekkend humorloos.

Vanzelfsprekend zijn er nog duizenden hulpmiddelen die de vertaler tot zijn beschikking heeft. Elektronische woordenboeken zijn een stuk praktischer dan de papieren pillen die bij elke vertaler op de boekenplank liggen. Ook encyclopedieën zijn gedigitaliseerd een stuk toegankelijker. Bovendien heb je geen aparte boekenkast nodig om je Winkler Prins in tig banden op te slaan. Internetfora zijn ook een godsgeschenk voor menig vertaler: met één druk op de knop stel je je vraag aan duizenden vertalers, ieder met zijn eigen vakgebied en kennis. Het was vertalers nog nooit zo makkelijk om te vertalen. Is een baan als vertaler daardoor een luizenleven? Niet in het minst, aangezien de toegenomen vraag naar vertalingen ervoor heeft gezorgd dat een vertaler al deze hulpmiddelen nodig heeft om een redelijk inkomen te vergaren. Geen rozengeur en maneschijn dus, maar gewoon een uitdagende baan.

dinsdag 23 april 2013

De middelen van de vertaler

Algemeen vertaalbureau Snelvertaler
Iedereen weet wel wat een vertaler is, maar slechts weinig mensen weten wat een vertaling daadwerkelijk behelst. Over het algemeen wordt gedacht dat vertalen vooral inhoudt dat je door woordenboeken bladert en Google raadpleegt. De praktijk is echter heel anders. Woordenboeken zijn niet allesdekkend en ook Google, hoe almachtig de zoekmachine ook mag lijken, kent zijn beperkingen.

Vertalers gebruiken woordenboeken vooral als een hulpstuk om op ideeën te komen. Woorden krijgen namelijk pas betekenis in een context, dus het woordenboek biedt vaak niet te ultieme oplossing. Wanneer iemand op een feestje vraagt: “Zeg, wat is 'bank' in het Engels?”, dan kan de vertaler eigenlijk alleen maar gefrustreerd zijn hoofd schudden en vragen: “Over welke context hebben we het hier?” Alleen al voor het woord 'bank' in de betekenis van 'meubel' bestaan al talloze vertalingen.

Toegegeven, internet is een godsgeschenk voor de moderne vertaler. Waar je vroeger afhankelijk was van stoffige encyclopedieën en thesauri om je werk te kunnen doen, kun je tegenwoordig je vraag aan Google stellen. Je hoeft maar een halve seconde te wachten: Google speurt de virtuele hemel en aarde af en luttele momenten later krijg je een prachtig antwoord voorgeschoteld. Dat antwoord zou nuttig zijn, ware het niet dat elke leek 'informatie' op internet kan zetten. Om te verifiëren dat de gevonden informatie ook echt een feit is, moet de vertaler alsnog de stoffige boeken in. Wat een werkbesparing lijkt, slokt soms alleen meer tijd op. Google is eigenlijk alleen goed voor het eenvoudige zoekwerk. Zodra er echt hard moet worden geploeterd, druipt ’s wereld grootste zoekmachine algauw met de staart tussen de benen af.

Als internet afvalt, houd je volgens velen niet veel zoekbronnen over. Ja, boeken zijn leuk, maar waar zoeken vertalers nog meer naar dat ene perfecte woord of die ongrijpbare term? Vakspecialistische tijdschriften zijn altijd handig, maar misschien nog wel belangrijker is de paralleltekst. Dat is een tekst met hetzelfde onderwerp als de te vertalen tekst, geschreven in de doeltaal, dus de taal waarnaar vertaald wordt. Daar staan vaak allerlei nuttige woorden in. Als de vertaler er echt niet meer uitkomt kan hij zich altijd nog wenden tot deskundigen. Een eenvoudig telefoontje biedt vaak de vertaling waar de vertaler zelf al enige tijd mee zat te stoeien.